Diamant

Diamant werd voor het eerst ontdekt in India. Daar werd het een krachtig religieus symbool. Diamanten hebben steeds een bijzondere aantrekkingskracht gehad op de mens. De oude Grieken dachten dat het tranen van de goden waren, de Romeinen aanzagen ze voor de splinters van vallende sterren en tot de vijftiende eeuw mochten diamanten in Europa enkel door mannen gedragen worden omdat men dacht dat de 'magische krachten' te sterk zouden zijn voor vrouwen.

Diamant is gekristalliseerde vorm van pure koolstof. Dit ontstaat tussen 140 en 190 kilometer onder de aardkorst, tussen de aardkorst en het magma. Onder de extreme druk en temperatuur vormen de koolstofatomen een erg hecht rooster. Door vulkanische activiteit worden de diamanten mee naar het aardoppervlak geduwd. Daar worden ze in grote mijnen ontgonnen.

Vandaag zijn de meeste diamanten afkomstig uit Afrika. Andere vindplaatsen bevinden zich in Canada, Rusland, Brazilië, India en Australië.


1. Karaat

Karaat is de gewichtseenheid van diamant. 1 karaat = 0.20 gram. Een karaat wordt onderverdeeld in 100 punten. 0.50 ct is dus gelijk aan 50 punten.

Karaat van diamant mag niet verward worden met karaat bij goud, waar het de zuiverheidsgraad aangeeft.

Voor de meest voorkomende slijpvorm, de ronde briljant, komt het karaatgewicht overeen met de volgende groottes.

 


2. Kleur en Helderheid 

De intrinsieke kwaliteit van een diamant wordt bepaald door twee eigenschappen: de kleur en de helderheid.

Kleur

De meeste diamanten zijn kleurloos met een gele tint. De kleur wordt bepaald door vergelijking met een aantal 'masterstenen'. De beste graad is kleurloos en wordt aangeduid met de letter D - Excellent wit+. Daarnaast kunnen diamanten ook voorkomen in allerlei kleuren, gaande van fel geel tot blauw, rood, roze, paars, bruin, etc. Deze stenen worden 'Fancy colors' genoemd.

D, E en F zijn de topkleuren. Deze diamanten hebben een bijzonder zuivere kleurloosheid.

G en H zijn de 'middenkleuren'. Deze stenen zijn niet zo zuiver kleurloos als D, E en F, maar bevatten voor het blote oog toch geen enkel spoor van een andere tint. Omdat ze goedkoper zijn dan de topkleuren, maar toch zichtbaar erg mooi zijn, zijn G en H veruit de meest gekozen kleur voor verlovingsringen.

I en J zijn licht getint. Deze stenen vertonen een zeer lichte gelige tint, bijna niet zichtbaar voor het blote oog.

Diamanten met kleur K of lager zijn zichtbaar geel getint en zijn niet geschikt voor juwelen.

Bij Blériot bieden we diamanten aan met kleur D tot en met I. Elke diamant wordt zorgvuldig beoordeeld alvorens wij deze aankopen. Stenen met zichtbare inclusies, slecht slijpsel of een zichtbare tint worden consequent geweigerd.

 

D

E

F

G

H

I

J

K-L

M-Z

Excellent wit+

Excellent wit

Zeldzaam wit+

Zeldzaam wit

Wit

Zeer licht getint wit

Licht getint wit

Getint wit

Getinte kleur

Helderheid

Alle diamanten bevatten minuscule sporen van hun ontstaan. Deze sporen worden insluitsels genoemd. Bij diamanten van juweelkwaliteit zij de meeste insluitsels echter zo klein dat ze met het blote oog niet zichtbaar zijn. De helderheidsgraad wordt bepaald door de diamant te bekijken onder een loupe met vergroting 10X.

Tussen VS2 en SI1 ligt het kantelpunt. Per definitie is de onzuiverheid bij VS2 niet met het blote oog te zien, terwijl dit bij SI1 wel mogelijk is.

Bij Blériot bieden we diamant aan met helderheid Loupe Clean (LC) tot en met Kleine inclusie (SI1).

Wij raden al onze klanten steeds aan om, wanneer u een diamant kiest, voorrang te geven aan kleur boven helderheid. De reden is simpel: aangezien een diamant met helderheid VS2 er met het blote oog hetzelfde uitziet als een diamant met helderheid Loupe Clean, heeft het geen enkel nut om een hogere helderheidsgraad te kiezen dan een VS 2. Zelfs bij I3 zijn de onzuiverheden te klein om het licht in de steen te breken en dus enige impact op de schittering te hebben.

Kleurverschil daarentegen is wel degelijk met het blote oog te zien.


3. Het Slijpsel

De schittering van de diamant hangt voor een groot stuk af van de manier waarop het geslepen wordt. Een kleine afwijking kan ervoor zorgen dat de diamant licht 'lekt' waardoor er een schaduw zichtbaar wordt in de steen.

De kwaliteit van het slijpsel is het moeilijkste van de 4 c’s om te beoordelen. Daarom gaan de meeste laboratoria niet verder dan een onderscheid tussen poor (zwak), fair (redelijk), good (goed) of excellent.

Naast de kwaliteit van het slijpsel zelf speelt natuurlijk ook de vorm een rol. De meeste vormen zijn ontworpen om een maximale hoeveelheid licht te weerkaatsen, wat de diamant een zo groot mogelijke schittering geeft. De ronde Briljant is waarschijnlijk de bekendste slijpvorm. Andere veelgebruikte vormen zijn 'Marquise', 'Emerald' en 'Princess'.


4. Diamanttypes

Alle diamanten bestaan uit koolstof. Toch bevatten ze meestal ook microscopische hoeveelheden andere materie. Daardoor kunnen we diamanten onderverdelen in vier groepen: Ia, Ib, IIa en IIb.

 

Type Ia

Deze groep bevat 98% van alle diamanten. Stenen van dit type bevatten tot 0,3% stikstof. De stikstofatomen bevinden zich gegroepeerd in het raster koolstofatomen. Deze diamanten absorberen blauw licht waardoor hun kleur varieert van bleek tot intens geel.

 

Type Ib

Slechts 0,1% van alle diamanten zijn van Type Ib. Ook deze stenen bevatten stikstofatomen. Hier bevinden deze zich echter verspreidt tussen de koolstofatomen. Deze diamanten absorberen groen en blauw en vertonen een intense gele, oranje of bruine kleur.

 

Type IIa

Deze groep vertegenwoordigt 1% tot 2% van alle diamanten. Dit zijn de zuiverste diamanten. Deze bevatten geen tot weinig niet-koolstofatomen. Ze vertonen enkel een kleur indien er zich in de kristalstructuur imperfecties bevinden.

 

Type IIb

Dit is de meest zeldzame categorie. Minder dan 0,1% van alle diamanten zijn van dit type. Deze bevatten nog minder stikstofatomen dan type IIa, maar bevatten wel booratomen. Hierdoor absorberen deze stenen rood, oranje en geel licht waardoor deze diamanten een intens blauwe tot grijze kleur vertonen.


5. Certificaten

Diamantcertificaten zijn documenten die een overzicht geven van alle eigenschappen van een diamant. Deze certificaten worden opgesteld door erkende onafhankelijke instituten. Zij beschikken hiervoor over speciaal uitgeruste laboratoria waar gemmologen de diamanten onderzoeken op echtheid, karaat, kleur, helderheid en slijpsel.

Een certificaat wordt pas afgeleverd wanneer twee of meer gemmologen onafhankelijk van elkaar op alle onderzochte punten overeenkomen.

Er zijn veel certiferingsinstellingen, maar er zijn er slechts drie die er toe doen: de Hoge Raad voor Diamant (HRD), het Gemological Institute of America (GIA) en het International Gemological Institute (IGI).


6. Conflictdiamanten

Om te voorkomen dat diamant uit conflictgebieden (de zogenaamde bloeddiamanten) in de handel komen, hebben de Verenigde Naties het Kimberleyproces in het leven geroepen.

Dit proces werkt als volgt: Wanneer diamant wordt ontgonnen worden zij eerst binnengebracht bij een bevoegde overheidsinstantie: de “Diamond Offices”. Daar wordt eerst de oorsprong van de diamant nagegaan om te voorkomen dat het om conflictdiamant gaat. Vervolgens worden de diamanten in een beveiligde en verzegelde container geplaatst en vergezeld van een certificaat met een uniek serienummer om de diamant te traceren.

Enkel landen die het Kimberleyproces toepassen mogen diamant in-of uitvoeren.

Wanneer de diamanten worden geïmporteerd, verifieert de douane het certificaat en de zegels op de container. Alle zendingen die niet conform de reglementering zijn worden teruggestuurd of in beslag genomen.

Elke keer dat de diamant van eigenaar wisselt moet op de factuur een garantie worden gegeven dat het niet om conflictdiamant gaat. Fabrikanten, handelaars en winkeliers zijn verplicht om deze garanties te controleren als onderdeel van hun jaarlijkse audit.

Consumenten kunnen steeds aan hun juwelier de garantie vragen dat ze een conflictvrije diamant kopen.